Category Archives: Mijn Amerikaanse avonturen

Als je dromen je niet bang maken, zijn ze niet groot genoeg.

Als je dromen je niet bang maken, zijn ze niet groot genoeg.

– Ellen Johnson Sirleaf –

Als de eerste verkozen vrouwelijke president van een Afrikaans land (Liberia), ben ik behoorlijk zeker dat deze mevrouw weet waarover ze het heeft. Het is een quote die ik al eerder heb gezien, maar nooit veel waarheid in heb gevonden, want ik ben nooit echt bang geweest van mijn dromen. Natuurlijk was ik nerveus om naar de VS te verhuizen op mijn eentje, maar ik was nooit echt bang. Dat kwam voornamelijk omdat ik wist dat ik hier een uitstekend netwerk van vrienden en familie had waar ik op kon terugvallen.

Gisteren heb ik echter iets gedaan waar ik bang van werd maar tegelijkertijd ook naar uitkeek. Begin december 2017 kocht ik mijn eerste DSLR camera. Ik heb hier en daar wat foto’s genomen, vooral van landschappen in mijn omgeving. In mei had ik echter de kans om op twee fantastische honden te passen, en op een van onze laatste wandelingen naar het strand besloot ik om mijn camera mee te nemen. Het was een ongelooflijke namiddag waar ik meer dan honderd foto’s van Miles en Charlie nam.
Later in de week zette ik ze op mijn computer, bewerkte ze en plaatste ze in een Google Drive document. Ik stuurde ze door naar de eigenaars en ze waren heel tevreden met de foto’s. Het voelde goed aan en ik besloot dat ik dat maar vaker moest doen. Maar toen kwam het probleem. Waar kon ik mensen met honden vinden die graag goede gratis foto’s wouden van hun hond zonder als een creep over te komen?

Gisteren vond ik dan eindelijk het antwoord. Ik maakte een post met een paar voorbeeld foto’s en mijn aanbod in een Facebook groep van mijn dorp en hoopte dat er ook maar iemand zou reageren. Binnen een paar minute had ik twee klanten! Mijn eerste photoshoot is op zondag, en naarmate de dag nadert, hoe meer opgewonden ik word. Maandagnacht heb ik niet heel goed geslapen, ik lag lang wakker en stelde mij allerlei doemscenario’s voor, maar mijn zelfvertrouwen groeit met de minuut!

Ik kijk er heel erg naar uit om met dit project te beginnen, een netwerk van klanten aan te maken en mijn vooruitgang te zien!

Als je dit leest, en je zelf of iemand die je kent in de buurt van Boston woont, en graag wat foto’s van je hond wil, laat gerust iets achter in de commentaarsectie of stuur een emailtje naar meliena.decuypere@gmail.com

Ik sluit af met enkele foto’s van Miles en Charlie waar ik behoorlijk trots op ben!

Advertisements

Oepsie…

Het is hier 16 juni 2018 en ik heb net gezien dat mijn laatste blogbericht dateert van 27 januari… 2017.

Het is heus niet dat ik niet aan al mijn vrienden en familie in België denk, het is meer dat ik voornamelijk geen tijd had. Gelukkig heb ik dat nu wel en kan ik jullie inlichten over wat hier allemaal gaande is in Boston, MA.

Hoewel 2017 al ver achter de rug is, is het toch wel een jaar dat me bijblijft. Het was het jaar waar ik met mijn studenten Boston van top tot teen leerde kennen, tours gaf van de Public Library (een aanrader voor liefhebbers van architectuur en kunst!) en Harvard, en waarin ik me verder ontplooide als leerkracht Engels als vreemde taal.

Het was ook het jaar waarin mijn vriendin Siel op bezoek kwam en net zoals ik twee jaar daarvoor, haar certificaat behaalde als ESL leerkracht.
Het was het jaar waarin ik mijn nieuwe vriend, Brian, leerde kennen en mee naar Pennsylvania nam voor de trouw van mijn papa zijn AFS-nicht (de dochter van zijn AFS-zus). Zo’n zevental uur met elkaar in de auto, het is een goede relatietest!

Het was het jaar waarin ik voor de derde keer in mijn leven kerstavond niet doorbracht met mijn familie (de eerste keer was in Paraguay en de tweede keer in Nieuw-Zeeland, waar ik trouwens altijd wel een gastfamilie had om mee te vieren.) Gezien de exorbitante prijzen voor een vliegtuigticket tijdens de feestdagen denk ik dat ik hieraan zal moeten wennen. 😦 Gelukkig heb ik nog altijd mijn papa zijn AFS-familie die me altijd verwelkomen met open armen en ben ik ook meer dan welkom bij de familie van Brian.

Het was het jaar waarin ik verhuisde naar een appartement in Winthrop en nu elke dag beloond word met zicht op de oceaan van aan de ontbijttafel. In vergelijking met België en Gent zijn de huurprijzen in Boston absurd hoog (1,520 euro per maand voor een 2-slaapkamer appartement zonder electriciteit of water) dus ik deel de kosten met een roommate en haar hond (die eigenlijk geen huur betaalt of ook maar een poot in het huishouden uitsteekt, maar hij is schattig en zacht, dus ik aanvaard het).

Bovenal was 2017 het jaar waarin ik me echt thuis begon te voelen in Boston en met bijna 100% zekerheid wist dat ik hier wou blijven.

Het is nu mid-juni 2018 en het besef dat ik hier wil blijven, is alleen maar gegroeid. Mijn leven heeft hier een aantal onverwachte wendingen genomen en sinds een goeie maand werk ik als Front Desk Agent bij de Charlesmark Hotel. (Mensen die op bezoek willen komen, let me know!) Het is een job die ik graag doe en waarbij ik mijn talenkennis goed kan gebruiken! Mijn Frans is weer wat minder verroest en mijn Spaans komt goed van pas met de kuisploeg 🙂 Het is ook leuk dat ik veel gereisd heb want ik kan de verschillende nationaliteiten van ver spotten. Als ik ze niet herken aan hun achternaam, dan wel aan hun accent. De Fransen zijn altijd dankbaar dat ik hun taal spreek en de Nederlanders kijken verbaasd op als ik zeg dat ik van België ben. Dat feit gaat meestal gepaard met veel vragen, sommigen denken dat ik hier stage loop en anderen vragen zich af wat ik hier nog doe nu Trump onze president is.

We hebben een heel goed team en nu ik weg ben bij mijn andere job merk ik direct wie mijn vriendinnen waren op het werk en wie mijn collega’s. Ik heb mij er ongelooflijk goed geamuseerd en het waren zeker goede tijden, maar het was tijd om mijn vleugels uit te slaan en een nieuw avontuur te beginnen. Plus, mijn uren maken het ook mogelijk dat ik deeltijds een andere passie kan uitvoeren: “dog-walking”. (Check mijn Instagram voor foto’s!)

Iedereen die me ook maar een beetje kent, weet dat ik hou van honden. Omdat ik voornamelijk in de namiddag werk ga ik ‘s ochtends met verschillende honden gaan wandelen, en ik heb nog maar twee of drie honden gehad waar ik van dacht: Nooit meer!
Voorlopig hou ik het op twee vaste klanten want ik ben nog altijd aan het wennen aan mijn uren (ik werk vier dagen in de week van 14h tot 22h en een dag van 10h tot 18h) en ik wil ook wat tijd doorbrengen met Brian en mijn vrienden.
Dog-walking houdt me in vorm en ik krijg er bovendien ook behoorlijk goed betaald voor! Plus, ik doe het super graag. Het is een win-win-win, zoals mijn papa het zei.

Dat is het zowat voor deze keer, een hele boterham, ik weet het, maar ik beloof plechtig mijn blog wat vaker up te daten (ik besef dat ik dat waarschijnlijk wel al meer heb gezegd, maar Lotte heeft me al wat meer inspiratie gegeven over hoe ik alles leuk en luchtig kan houden!)

See you next time!

 

Solden

Het is een bekend fenomeen dat in januari en juli de winkelstraten in België altijd drukker zijn dan andere maanden, en dat dankzij 1 fenomeen: solden. Winkels zijn bij wet gebonden om zich aan deze twee maanden te houden om al hun koopjes te afficheren. Niet in Amerika. Voor elke feestdag zijn er koopjes; Black Friday, End of Summer sale, Start of Summer sale, Memorial Day Sale, Fourth of July sale, de helft van het jaar kan je kleren kopen aan een gereduceerde prijs. Natuurlijk is dat leuk, maar het is ook tricky.  Voor je het weet heb je een broek gekocht die je niet nodig hebt omdat hij vijftig percent af was als je een aan volle prijs kocht, drie hemdjes terwijl je er maar 1 nodig had want vanaf 50 dollar waren er geen verzendingskosten etc…
In het begin liet ik me er redelijk gemakkelijk aan vangen, maar nu ik op het punt sta om te verhuizen ga ik nog eens mijn kast uitkuisen en dan zal ik wel merken of ik echt een tekort heb aan iets. Ik voorspel dat het waarschijnlijk niet het geval zal zijn, maar met mijn nieuwe positie zal ik misschien willen investeren in een paar meer formele kledingstukken… Gelukkig zijn er overal weer kortingen 🙂
Zonnige groetjes vanuit Pen Argyl!

Klaar voor de zomer!

Sinds ik terug ben van mijn van vakantie in Ecuador ben ik voltijds aan het werk bij Stafford House en ik amuseer mij er echt goed. Vorige week verving ik een van mijn collega’s die op vakantie was en het was echt perfect om er weer in  te komen. Ik ben echt blij dat ik heb besloten om bij Stafford House te komen werken want ik voel me er veel meer op mijn gemak en al mijn collega’s zijn ‘s ochtends even vriendelijk als in de namiddag. Het is soms nog even wennen aan al die studenten die ik niet ken, zeker omdat er ongeveer tien keer meer studenten zijn dan in LaL en ze in de namiddag meer keuze hebben qua programma, dus heel veel van hen heb ik nooit in mijn klas.
Vorige week heb ik dan even samen gezeten met Jon, mijn baas, om mijn schema voor de komende weken op te stellen. Momenteel is studentenadministratie onderbemand dus tot nader order steek ik daar een handje toe en geef ik les. Op dit moment heeft upper management het heel druk want eind juni komt ACCET op bezoek en we verwachten ook veel studenten deze zomer. ACCET is een bedrijf dat taalscholen accrediteert, waardoor we studentvisums mogen uitgeven. Om te beslissen of we onze accreditatie mogen houden komen ze om de paar jaar op bezoek om te checken of we voldoen aan alle voorwaarden van een geaccrediteerde school. Het is dus superbelangrijk voor Stafford House dat deze inspectie feilloos verloopt, want als we niet meer geaccrediteerd zijn, zouden we nog maar een tiental studenten overhouden. Hiervoor moet er nog redelijk wat in orde gebracht worden, zeker administratief, dus ze kunnen alle hulp gebruiken. Ik vond het wel een interessante uitdaging en het is natuurlijk ook goed om wat extra centen bij te verdienen!
De zomer is ook een drukke periode want veel scholieren hebben vakantie en komen naar Amerika om hun Engels bij te schaven. In juli hebben we elke week tussen de 10 en 35 nieuwe studenten die aankomen dus we moeten goed voorbereid zijn om iedereen zonder problemen te kunnen opvangen.
Sinds maandag doe ik dus administratief werk, maar gelukkig mag ik ook nog les geven. Nu mijn collega terug is uit vakantie heb ik mijn eigen klas met welgeteld 1 student. Anderhalf uur per dag geef ik zakelijk Engels aan een heel sympathieke mevrouw uit Brazilië die bij IBM werkt.  Het is voor mij ook iets helemaal nieuw maar het is een goed boek en ik kan er ook langzaam inkomen omdat we toch maar met ons getweeën zijn. Verder geef ik drie per week ook privéles aan een jongen die al sinds maart Engels leert maar na twee manden nog steeds problemen heeft om zichzelf voor te stellen. Stafford House was dan ook zo vriendelijk om hem deze lessen aan te bieden zodat hij toch wat vooruitgang boekt. Ik heb hem nu al twee keer les gegeven en mijn indruk is niet dat hij dom is, maar wel zeer verlegen. Hij heeft veel schrik om fouten te maken waardoor hij niet veel durft te zeggen, terwijl dat in de lage niveaus wel de beste manier is. Het probleem is ook dat hij niet graag toegeeft dat hij het niet verstaat, en in klasverband kan hij daar nog mee weg geraken maar met deze 1 op 1 sessies gaat dat natuurlijk niet. Veel herhaling en veel geduld zijn de sleutel tot succes hier.
Ik geef nog steeds ‘s avonds les aan mijn niveau vijf (B2 volgens het Common European Framework of Reference) en ik vind het nog steeds leuk! Ik heb het volledige boek al eens gegeven, dus ik ben veel comfortabeler met het materiaal, weet waar de problemen zitten en met welke thema’s ik me kan amuseren. Ik heb nog maar drie studenten die overblijven van de vorige sessie en het is wel tof om te zien hoe ze met kop en schouder er bovenuit steken, vooral voor spreken. Ik hoop dat mijn andere studenten binnen een paar weken ook zo goed Engels kunnen! Ik heb een mooie mix van nationaliteiten waardoor er automatisch altijd Engels wordt gesproken en het voor iedereen interessant blijft.

Dit weekend is een verlengd weekend dus ik ga eens checken of papa zijn AFS-ouders thuis zijn en of de prijzen een beetje mee vallen om een auto te huren. En anders zal ik wel een andere manier vinden om van mijn verlengd weekend te genieten 🙂
Wat zijn de plannen bij jullie?

Ecuador: een reisverslag

Hoe graag ik ook schrijf, een blog bijhouden is iets waar ik minder goed in ben dan ik aanvankelijk dacht. Ik ben net een week terug uit Ecuador en het wordt hoog tijd dat ik al mijn avonturen op papier zet, voor ik ze weer vergeten ben.

Dinsdag 2 mei kwam ik na drie vluchten aan op San Cristobal, een van de hoofdeilanden van de Galapagos, die op zo’n tweetal uur vliegen zijn van mainland Ecuador.
galapmap1000

Ik zag mama en papa direct staan van zodra ik door de “douane” was en wat me vooral op viel was hoe bruin ze wel zijn. Zelfs papa, die bij aanvang van hun reis alleen maar T-shirts met lange mouwen wou mee nemen omdat de zon zo schadelijk is voor de huid. Van de luchthaven wandelde we op het gemak naar de haven en bestelden lunch bij een naburig cafeetje waardoor ik handig gebruik kon maken van de wifi om wat berichtjes te versturen.

IMG_4016
De lokale straathond van San Cristobal: een zeeleeuw

Daarna was het door naar de boot, snel mijn valies afgezet en andere kleren aangedaan. Vandaar terug naar het vasteland en een aangename wandeling gemaakt op het eiland.

IMG_4192
Papa en ik met Kicker Rock op de achtergrond

Het was een mooie wandeling en goed om er weer in te komen. Ik had gelukkig ook geen last van een jetlag want het tijdverschil tussen Boston en de Galapagos is slechts twee uur. Na de wandeling liepen we nog wat rond in het dorp en ik leerde direct de plannen voor de volgende dag: varen naar Punta Pitt, wat snorkelen, wat wandelen en daarna terug naar de haven.
Op tocht naar Punta Pitt passeerden we wat dichter aan Kicker Rock, dat ook een erg populaire snorkelplaats is. Wij zijn er gewoon even gestopt voor wat foto’s om dan verder te varen.
IMG_4275
Tijdens het snorkelen vooral veel mooie vissen gezien, maar we hebben ook de kans gekregen om met de zeeleeuwen in het water te spelen. (Als je hun aandacht hebt en je draait een rondje of doet een koprol, dan doen ze je met veel plezier na.)

Punta Pitt is een bijzonder populair natuurpunt op San Cristobal omdat daar de blauwvoetgent, ook wel bekend als de blue-footed boobies, hun nest hebben.

IMG_4369

IMG_4373
Samen een nest bouwen

De blauwvoetgenten bouwen hun nest op de grond, waardoor je ze echt van heel dichtbij kan observeren. Ze zijn ook gewoon aan menselijke bezoekers en weten dat we geen kwade bedoelingen hebben, dus ze storen zich absoluut niet aan iedereen die zich staat te vergapen aan hen. Meer nog, ze lijken soms te poseren.

Naast de blauwvoetgenten heb je ook nog de roodvoetgenten. Zij hebben, jawel, rode voeten. Maar hun bek blijft blauw, wat er volgens mij echt bizar uitziet. IMG_4426

Het was een drukke dag maar ik heb er echt van genoten, het waren goede gidsen en ik heb veel geleerd en gezien.
Op de terugweg kregen we ook nog eens een onverwachts schouwspel:
IMG_4453
Toen we terug aan de boot arriveerden, was er de gebruikelijke wacht van dienst die op ons lag te wachten:

IMG_4002
Ze zien er grappig uit, maar stinken vooral en laten veel vuile sporen achter.

De volgende dag was lekker rustig, we zijn naar de kant gevaren en hebben wat inkopen gedaan en op een terrasje iets gedronken om te profiteren van het internet. Mama en papa hebben ook dankbaar van mijn Spaans gebruik gemaakt om wat betere deals te kunnen doen op de markt en in de late namiddag waren we onderweg naar het volgende eiland, Isla Isabela. Het varen ging vlot, er was een goed windje dat ‘s avonds helaas weg viel en we verder op motor hebben gevaren. Mama en papa hebben ondertussen al een mooie routine om ‘s nachts te varen en toen ik de volgende ochtend opstond moesten we nog maar twee uur varen.
Isla Isabela is een pak groter dan San Cristobal, maar dat wil niets zeggen. Er zijn geen bankautomaten en betalen met kredietkaart kan, maar dan is er wel een oplage van 22%. De taxi’s zijn er niet zo talrijk en het “toeristische” gedeelte van het dorp beslaat 1 straat van ongeveer anderhalve kilometer. Maar er zijn niet zo veel zeehonden, dus ook minder stank.
Nadat mama en papa de boot hadden ingecheckt bij de agent van dienst (geen politie, wel iemand die zich bezig houdt met het inchecken van zeilers) zijn we op zijn aanraden naar de reuzenschildpadden gaan kijken. Onderweg kwamen we ook deze prachtexemplaren tegen:
IMG_4477

IMG_4489
Ook al ziet hij er niet bijzonder fris uit, hij leeft wel degelijk nog. Oud zijn is lastig.

Op de terugweg hebben we dan ook onze activiteiten voor de volgende dag geboekt: snorkelen in Los Tuneles. De organisatie was zo vriendelijk om ons op de boot te komen oppikken en vandaar was het maar een uurtje varen. Los Tuneles (De Tunnels) is een complex van bruggen gemaakt uit lava. Er is veel zeeleven te vinden omdat het water er zo ondiep en warm is.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Met de Galapagos pinguïn en een blauwvoetgent

In tegenstelling tot Punta Pitt waren de vissen hier niet zo kleurrijk, maar ik heb wel zeepaardjes, roggen, schildpadden en haaien gezien. Ik kan alvast niet klagen.
Op de terugweg heb ik nog een paar manta roggen gezien die uit het water sprongen, hoewel het redelijk in de verte was.
De volgende dag was lekker rustig, mama en papa hebben de plooifietsen uitgehaald en samen zijn we naar El Muro de las Lagrimas (De Muur der Tranen) gefietst. Het was redelijk bergop op het einde, maar we zijn er geraakt en hebben onderweg ook nog veel mooie dingen gezien.

IMG_4509
Mama en ik met een wilde reuzenschildpad, die rap rap zijn hoofd weg stak toen we dichterbij kwamen
IMG_4526
Aan de Muur der Tranen
IMG_4538
Helemaal bovenaan, met uitzicht op de baai

El Muro de las Lagrimas is tussen 1945 en 1959 gebouwd door de gevangenen die toen op het eiland zaten. Ze heeft absoluut geen nut behalve de gevangenen bezig houden. De muur is honderd meter lang en vijfentwintig meter hoog en heeft aan velen het leven gekost. Een jammerlijke zaak, maar wel indrukwekkend niettemin.

De dag erna was al mijn voorlaatste dag met mama en papa, en we hadden een tocht naar een vulkaan geboekt waarvoor we vroeg uit de veren moesten. De vulkaan, Sierra Negra, is een van de vele actieve vulkanen op het eiland en de laatste uitbarsting dateert van 2005. Ze is echter geen gevaar voor de eilandbewoners omdat een uitbarsting van deze vulkanen vergelijkbaar is met een pot saus die overkookt. De magma schiet niet de lucht in om honderden meters verder te landen, maar loopt over de rand en dan langzaam naar beneden.
Het was ongeveer drie uur en half wandelen naar de top maar gelukkig waren we om acht uur begonnen met wandelen waardoor de temperatuur zeer aangenaam was.

IMG_4647
Bovenaan de vulkaan
IMG_4666
Papa in zijn typische klederdracht

We hadden veel geluk, de gids kon verstaanbaar Engels en het was een mooie dag. Mama had al gehoord van anderen die de wandeling hebben gemaakt en niets van de vulkaan hadden gezien omdat er zo veel lage mist hing. Van pech gesproken. Op de terugweg nog wat lekker gebabbeld met mama en papa en rond drie uur waren we terug op de boot. Ik heb nog wat gelezen, in het zonnetje gelegen en de dag was alweer bijna voorbij. ‘s Avonds zijn we dan gaan eten en toen moesten we opeens met ons bootje van de kade weer naar huis. Laagtij, weinig licht en veel rotsen. Makkelijk is anders. Maar papa heeft met onze hulp vakkundig de rotsen ontweken en we zijn veilig thuis geraakt. En zo zat mijn laatste avond op de boot er op. Het is ongelooflijk hoe snel de week voorbij is gevlogen. Het zeilen zelf is behoorlijk rustig, maar overal waar je bent is er veel te doen en te zien. Zeker voor mama en papa, want de kans dat zij daar ooit gaan terug komen is klein.

Ik ben natuurlijk ongelooflijk dankbaar voor deze wonderlijke vakantie en super trots op mijn ouders dat ze deze beslissing hebben genomen! Het inspireert voor later!
Meer over Quito later deze week!

Spiegels

Toen we in 2014 verhuisden van ons huis in Destelbergen naar ons appartement in Ledeberg, kwam dat met de noodzakelijke moeilijkheden (om het zo te zeggen). Het is per slot van rekening niet gemakkelijk om al de dingen die je met gemak in een huis kan zetten, naar een appartement te verhuizen.
Maar het appartement kwam met 1 groot voordeel: een lift. Afijn, het was voor mij niet zozeer de lift die het grote voordeel was, dan wel de spiegel in de lift. Voor ik ergens naartoe ging kon ik nog rap even checken om mijn haar wel goed zat, er geen etensresten rond mijn mond hingen lippenstift op mijn tanden zat en mijn kleren wat bij elkaar pasten. De spiegels hangen ze voornamelijk in liften omdat er dan een optische illusie is dat de lift groter is dan ze is en mensen zich niet te rap claustrofobisch gaan voelen, maar het was een voordeel waar ik gretig gebruik van maakte.
In Boston neem ik niet zo vaak de lift als in Ledeberg, en misschien is het net daarom, maar telkens ik de lift neem in Stafford House, de Pilates studio waar ik twee keer per week les volg of Teaching House, ga ik onbewust op zoek naar de spiegel, om dan tot het besef te komen dat ze in Amerika (het kan natuurlijk ook gewoon Boston zijn) gewoonweg geen spiegels hebben in een lift. Is het misschien omdat (net zoals vrijwel alles) de liften hier groter zijn dan in België of omdat Amerikanen niet zo veel last hebben van claustrofobie. Afin, ik zal het nooit weten, maar het blijft toch wennen.

Amerika, het is toch een vreemd land.

 

 

Veranderingen op til

Het is ondertussen alweer veel te lang geleden dat ik nog eens een blogbericht postte, en ik heb belangrijk nieuws, dus het lijkt me een mooie gelegenheid om even rap uit de doeken te doen wat ik hier allemaal precies uitspook in Boston.

Op maandag 7 december 2015 ging ik aan slag als Engelse taalleerkracht bij LAL Boston  van maandag tot vrijdag en begon ik ook als vervangleerkracht (in geval van ziekte of vakantie) bij Stafford House Boston. Langzaam maar zeker begon ik wat ik had geleerd in mijn CELTA cursus toe te passen en voor ik het wist was ik een echte werkmens. Na amper twee weken bij Stafford House als vervangleerkracht kreeg ik de kans om de deeltijdse cursus op dinsdag- en donderdagavond over te nemen, een kans die ik uiteraard met twee handen greep. In januari begon ik ook met conversatieklassen op dinsdag- en donderdagnamiddag bij LAL waardoor mijn week er als volgt uit zag:
op maandag, woensdag en vrijdag werkte ik uitsluitend bij LAL van negen uur ‘s ochtends tot kwart na twaalf. Op dinsdag en donderdag kwam er dan ook nog een conversatieklas bij van 1 uur tot half drie (bij LAL) en een avondles van kwart na zes tot kwart na acht (bij Stafford House). Voor de doorsnee werkmens zijn deze uren belachelijk weinig (een totaal van 22 uur werken per week) maar voor een leerkracht is dit wel degelijk een voltijdse positie. Als beginnende leerkracht moet je daar nog de grondige voorbereiding van lessen bij tellen (wat voor mij ongeveer anderhalf uur per dag in beslag nam, afhankelijk van mijn naarstigheid), het zoeken van extra materiaal en persoonlijke evaluatie. Het duurdeeen tijdje vooraleer ik wist met welke grammatica studenten doorgaans moeilijkheden mee hebben, welke oefeningen in het boek niet super geschikt zijn om de grammatica te oefenen en hoe lang elke uitleg en oefening in beslag neemt. Maar rond februari/maart had ik het volledige boek reeds twee keer gegeven en dus werd het steeds gemakkelijker. Gelukkig maar, want nu kon ik meer tijd spenderen aan mijn conversatieklassen, die niet zo vlot verliepen als ik had gehoopt. Ik heb veel gelezen, veel gepraat en overlegd met collega’s, veel opgezocht op het internet over de verschillende manier om studenten Engels te laten praten, en tot op heden is dat met wisselend succes. Als je met vier studenten van Saoedi-Arabië zit met allemaal een verschillend niveau van Engels en niet al te veel motivatie om deel te nemen aan de les, is het niet bepaald gemakkelijk om ze allemaal Engels te doen spreken. Maar over het algemeen zijn mijn klassen toch een redelijk succes, denk ik. De studenten leren nieuwe dingen bij, ze hebben langzaam maar zeker respect gekregen voor mij en als ik aan het einde van de les vraag of ze zich hebben geamuseerd, is het antwoord 65% van de tijd ja.

Bij Stafford House liep alles zijn normale gangetje, na zes weken werden mijn intermediate studentenn upper-intermediate studenten en samen met hen begon ik vol goede moed aan niveau vijf. Een zestal weken geleden ben ik dan ook begonnen met zaterdag les te geven waardoor ik tot op vandaag 26 uur per week werk. Gelukkig was ik al zo ingewerkt in beide jobs dat het een kleine moeite was om die vier uur per week er nog bij te nemen. En het is weer extra geld dat ik kan sparen.
Op Stafford House ben ik dus ook een vaste waarde geworden, want op dinsdag en donderdag ga ik tussen mijn conversatieklas en avondklas niet naar huis, waardoor ik veel mensen ken die voltijds werken op Stafford House. Het verbaasde me dan ook niet echt toen ik in februari een aanbod kreeg om voltijds te werken bij Stafford House. Uiteindelijk ben ik niet op dat aanbod ingegaan, maar het was zeker een moeilijke keuze. Ik bleef mijn twee jobs als taalleerkracht combineren en was gelukkig. Maar het aanbod van Stafford House  bleef in mijn achterhoofd zitten, en een paar weken geleden nam ik de beslissing dat als ze me nogmaals een aanbod zouden doen, en het aanbod stond me aan, ik ja zou zeggen.

Eenmaal ik die beslissing had gemaakt, leek alles wat meer op zijn plaats te vallen. Ik bracht Jon (de Academic Manager en zo ongeveer mijn baas) op de hoogte van mijn beslissing en gisteren kreeg ik dan ook het officiële aanbod. Ik was natuurlijk super tevreden, maar ook nerveus, want dat wou zeggen dat ik vandaag mijn ontslag moest indienen bij LAL Boston. *slik*
Gelukkig was Laura (de General Manager en zeker en vast mijn baas) super begripvol en kon ik met een gerust hart vertrekken.
Volgende week is dus mijn laatste week bij LAL Boston, daarna ga ik twee weken op vakantie (mama en papa bezoeken in de Galapagos en Quito op mijn eentje ontdekken) en daarna begin ik voltijds bij Stafford House.

Ik kijk er alvast naar uit en mijn medecollega’s zijn ook enthousiast om mij nu ‘s ochtends te zien. Ik ben benieuwd naar hoe het zal verschillen met LAL Boston en hou jullie op de hoogte van hoe het mij vergaat in Boston!
Eén ding is zeker: terugkomen naar België staat niet direct op de agenda. (Behalve dan voor de feestdagen).

Vele groeten vanuit Boston!

Problemen met aansprakelijkheid

Ze zeggen dat de VS een land is waar mensen elkaar een rechtszaak aansmeren voor het minste, en nu ik hier een aantal maanden woon, heb ik de neiging om hier akkoord mee te gaan. Ik heb geen concreet bewijs, maar als ik iets ga eten met vrienden na het werk, wordt mijn aandacht altijd getrokken naar dat ene zinnetje dat op elk menu te vinden is.

“Rauwe of onvoldoende gekookte etenswaren consumeren zoals vlees, gevogelte, vis, zeevruchten en eieren kan het risico van etens-gerelateerde ziektes verhogen.”

Dit wordt allemaal gedaan zodat het restaurant/de chef/ober niet aansprakelijk kan worden gehouden voor het geval dat iemand zijn steak bleu bestelt en ziek wordt. Zo is de klant verantwoordelijk wanneer hij salmonella, voedselvergiftiging of een andere etens-gerelateerde ziekte krijgt.

Of die keer dat het begon te vriezen en ik aan het Whatsapp’en was met mijn mama en ze zei: “Je weet dat je iemand kan aanklagen als je valt en iets breekt eh.”
En ik wist gewoon dat dit al eerder is gebeurd, maar ik denk ook dat aangeklaagde huiseigenaars de stad al hebben aangeklaagd, gewoon omdat iedereen in mijn straat een zak met zout heeft gekregen vlak voor de sneeuwstorm in Boston deze maand. En dat kan gezien worden als vriendelijk van de stad, of dat kan gezien worden als de stad die zijn voorzorgen neemt zodat mensen niet kunnen zeggen dat ze niet de nodige middelen hadden om het ijs en de sneeuw van hun stoep te houden en zo problemen met aansprakelijkheid vermijden.

Al deze problemen met aansprakelijkheid, ik ga ze toch altijd grappig en vreemd vinden tegelijkertijd.

Amerika, het is toch een vreemd land.

Eten met een vork

Ik ben nu ongeveer vijf maanden in de VS en iets wat me zaterdag nog maar een keer is opgevallen, is dat mensen hier altijd alleen met een vork eten en hun andere hand (meestal de linker, tenzij je linkshandig bent) onder tafel op hun schoot leggen. In België wordt dit beschouwd als uiterst onbeleefd, terwijl het hier als vreemd en soms zelf onbeleefd wordt gezien als je je bestek met beide handen vast neemt. Het zal voor mij toch nog eventjes duren vooraleer ik alleen met een vork eet, zelfs in het gemak van mijn “eigen” huis eet ik nog altijd met mes en vork. Hoe krijg je anders in godsnaam dat laatste restje eten op je vork? (Tenzij misschien met een duwertje, maar voorlopig heb ik nog niemand ontmoet buiten de familie Strickx die dat kent…)

Amerika, het is toch een vreemd land.

 

New England road trip deel 2 (Saint John, Canada-Augusta-Montpelier-Woodstock-Boston-New York))

De roadtrip van Bertrand en mij is al zo’n drie maanden achter de rug en het is hoog tijd dat ik jullie weer wat meer details geven over wat we na Canada allemaal hebben gedaan.

Na slechts 1 dag Canada was het weer tijd om de VS binnen te rijden richting Augusta, Maine (donderdag 5 november). Na de vlotte oversteek van de VS naar Canada had ik verwacht dat de oversteek van Canada naar de VS in een mum van tijd zou verlopen, maar daar heb ik me toch serieus mispakt. We werden tegen gehouden aan de Amerikaanse grens en daar was het documenten afgeven, verklaren wat we bij hadden in onze frigobox, uitstappen en binnen wachten. Jullie herinneren het zich misschien niet meer, maar ik noch Bertrand hadden een kredietkaart om de auto te huren, dus had mijn vriendin Kenna de hare geleend. De grensagenten trokken grote ogen toen ik uitlegde dat zij de auto voor ons had gehuurd omdat wij geen kredietkaart hadden, zeker omdat ik zo dom was om te zeggen dat ik haar nog maar een kleine twee maand kende. Ze moesten ook een paar keer kijken naar Bertrand zijn paspoort want daar staan nogal veel stempels in van al zijn reizen en al dit gecombineerd met het feit dat we in totaal 1 dag in Canada waren geweest, het was op z’n minst verdacht… Ik dacht al bij mezelf dat ik zou moeten bellen naar Kenna om het grote misverstand uit te klaren, maar na een drietal kwartier mochten we dan eindelijk terug naar onze auto en waren we onderweg naar Maine. Bertrand was duidelijk blij om weer in Amerika te zijn en kocht meteen een dozijn donuts. Ik heb het gehouden bij een milkshake.2015-11-05 15.28.31

Bertrand en ik hadden een Frans-Canadese/Amerikaanse familie gevonden in Gardiner waar we bij konden slapen en dat was een heuse ervaring. We hebben appels geraapt, met de kinderen gespeeld (twee jongens van drie en vijf denk ik), Bertrand heeft een poging gedaan om slacklining te doen (wat er niet gemakkelijk uit zag) en we hebben huisgemaakte cider gedronken. Ze zijn zeer milieubewust, wat je onder andere merkt aan het composterend toilet. (Spoiler alert: wat volgt lees je beter niet als je aan het eten bent.) Wat je je daar moet bij voorstellen is een emmer onder een wc-bril waar je eerst normaal naar toilet gaat en dan in plaats van door te trekken kap je er een goede schep zaagsel bovenop (tegen de geur) en klaar is kees. De emmer wordt dan uiteraard op tijd geleegd. Ze hadden ook een zelfgemaakte sauna waar Bertrand en ik met veel plezier gebruik van hebben gemaakt en daarna hebben we samen met kindjes naar Aladdin gekeken. Al bij al een toffe avond! En ik heb voor het eerst tofu gegeten, terwijl ik daar normaal echt geen fan van ben maar met wat saus en groentjes is het wel oké. 🙂
Die ochtend (vrijdag 6 november) zijn we op hun aanraden naar de A1 Diner gaan ontbijten, zowat het enige toeristische dat daar te doen valt. Ze hebben geen website, maar hier is de link van Tripadvisor.
Hier enkele foto’s van een slaperig dorpje onderweg:

Na ons ontbijt hebben we afscheid genomen van de familie en rond de middag waren we onderweg naar Montpelier. In Montpelier vonden we geen couchsurfers om ons op te vangen, dus waren we genoodzaakt om een goedkope motel te vinden en die hebben we dan gevonden in Barre. In Barre is er niets te doen maar omdat ons motel een superkoopje was besloten we om eens goed te gaan eten in Montpelier zelf. Al snel vond ik op het internet een restaurant dat er de moeite waard uit zag: NECI on Main. Het restaurant wordt gerund door de studenten van de New England Culinary Institute en ze hebben niet teleurgesteld. Bertrand en ik hebben het dan ook niet gelaten om $20 te sponsoren om de studenten een duwtje in de rug te geven.

De volgende dag (zaterdag 7 november) waren we dan onderweg naar Woodstock, Vermont,maar niet zonder een tussenstop in Green Mountain & Finger Lakes National Forest. Het moest een gematigde wandeling worden van een tweetal uur, maar omdat er geen duidelijke bordjes stonden en we geen plannetje hadden, werd het een wandeling van bijna vier uur. Maar we waren gelukkig voor donker uit het bos en weer bij de auto. Ondanks het feit dat we verloren zijn gelopen en een groot stuk opnieuw hebben moeten doen, was het wel een mooie wandeling! Kijk zelf maar:

 

Ik had voor we op onze roadtrip vertrokken al gezien dat de Ben&Jerry’s fabriek in Vermont was, maar was dat helemaal uit het oog verloren tot we opeens een bordje passeerden met daarop een pijl richting de fabriek. Dat konden we natuurlijk niet laten liggen. We kochten er een ticketje ($3), stuurden een bericht naar onze host van de avond en vijf minuten later kregen we alles te horen over Ben&Jerry’s. Het was echt tof en ik heb toch veel geleerd. Ondanks het feit dat Ben&Jerry’s nu supergroot is, zijn ze klein begonnen en steunen ze nog steeds kleine bedrijven. De oprichters (Ben & Jerry) zijn ondertussen al in de 80 maar ze komen af en toe nog kijken hoe het er aan toe gaat. Het beste gedeelte van de tour waren uiteraard de gratis “proevertjes”. En je kan niet uit fabriek vertrekken zonder ijscrème…

Bertrand ijscreme
(Het heeft eventjes geduurd tegen dat ik een goede foto had, en het begon een beetje op Bertrand zijn zenuwen te werken dat hij van mij er kweetniehoecontent moest uitzien)

2015-11-07 16.49.36
Smaken die waren, maar niet meer zijn :/

Daarna zijn we uiteindelijk bij Jake en zijn vrienden in Woodstock geraakt en het was best wel een toffe avond. We hebben Exploding Kittens gespeeld, aan een kampvuur gezeten en muziek gemaakt. Het enige jammere was dat iedereen aan het drinken was, maar Bertrand en ik hadden geen alcohol bij en kregen ook niets aangeboden, dus terwijl iedereen steeds zatter werd, werd ik voornamelijk steeds moeër… Toch heb ik samen met Bertrand als een van de laatste uitgehouden en na een snelle douche om de geur van de rook uit ons haar te wassen, doken we ons bed in.

Op zondag 8 november waren we weer op weg naar Boston, maar niet zonder een tussenstop in Salem om de tentoonstelling van Theo Jansen zijn strandbeesten te bezoeken. Ik had er nog nooit van gehoord maar Bertrand zijn enthousiasme was aanstekelijk en ik heb echt genoten van de tentoonstelling. Het is echt heel interessant om te zien hoe de kunstenaar/uitvinder pvc-buizen omtovert tot heuse constructies met mechanismen waarvan mijn hoofd gaat draaien. Hier zijn een paar foto’s van Bertrand die met een strandbeest wandelt, om ze te zien in hun “natuurlijke habitat”, klik hier.

Na de tentoonstelling zijn we dan op aanraden van mama naar het shoppingcenter van Burlington geweest en hebben eens gezien wat er zo speciaal was aan The Cheesecake Factory. Na twee stukken (een per persoon) van Amerikaans proporties (ongeveer twee keer zo groot als die van opa in Aalst) hadden we gegeten voor de rest van de dag en waren we onderweg naar Boston city. ‘s Avonds kwamen we dan moe maar tevreden aan in onze airBnB en hebben we de auto leeg gemaakt want die moest de volgende ochtend terug. Het was eventjes sleuren met al het gerief, maar na een paar keer trappen lopen, was dat ook al weer achter de rug.

Maandag 9 november hebben we dan de auto terug gebracht en de Harvard campus en het Isabella Stewart Gardner Museum bezocht, een beetje te duur naar mijn zin maar wel de moeite waard als je van voornamelijk Italiaanse kunst houdt. Ze hebben ook een hele mooie binnentuin waar het altijd zomer lijkt.

Omdat we de eerste keer ook te laat waren om de trappen van Bunker Hill Monument te beklimmen, hebben we dat die dag dan ook gedaan. Ik had gehoopt op een iets mooier uitzicht helemaal vanboven, maar het was toch wel leuk om bovenaan met nog wat andere mensen te bekomen van de 294 trappen.

IMG_1469
Bunker Hill Monument van onderaan

IMG_1468

IMG_1467
Bunker Hill Monument uitzicht bovenaan

‘s Avonds hebben we dan Sally en Kenna uitgenodigd om te komen eten in onze zeer beperkte airBnB maar jammerlijk genoeg had Bertrand hem zich een beetje mispakt aan hoe pikant de pepers waren die we hadden… Die avond heb ik geleerd dat ik vrijwel zonder problemen in Thailand zou kunnen leven (afin, als het op eten aankomt toch) en zelfs Bertrand moest met verbazing toekijken naar het (schijnbaar) gemak waarmee ik mijn bord (bijna) leeg at.

Op dinsdag 10 november waren we dan onderweg naar een paar dagen NY. Ik had een toffe airBnB gevonden en nadat we ons even opnieuw hadden georiënteerd waren we onderweg. Dinsdag zijn we naar het World Trade Center memorial museum geweest en zonder het te beseffen kwamen we net op tijd om gratis tickets te bemachtigen die elke dinsdag tussen 6 en 8 worden uitgedeeld. Het was een lange rij, maar uiteindelijk hadden we dan ons kaartje en konden we naar binnen! Ik had de eerste keer blijkbaar een groot stuk gewoon overgeslagen (zonder het te beseffen uiteraard) dus ik was aangenaam verrast. Het is niet bepaald vrolijk, maar dat wist ik al van de vorige keer en ik heb veel bijgeleerd, dus ik was tevreden.
Woensdag zijn we naar het Guggenheim geweest, waar er een tentoonstelling was van Alberto Burri en ik vond het bijzonder interessant. Niet altijd mijn ding en Bertrand en ik waren het zelden eens over wat we mooi vonden, maar des goûts et des couleurs, on ne discute pas’. Oordeel zelf wat je ervan denkt:

Na het Guggenheim zei we naar het American Museum of Natural History geweest omdat ik vorige keer enkel de exhibitie van indrukwekkende dieren en de dinosaurussen had gezien en toch wel het gevoel had dat er veel meer te zien was. Toen ik zag dat er een “exhibitie” was met echte vlinders, was ik verkocht. Ik bedoel, rondlopen in een serre met levende vlinders, wie zegt daar nu nee tegen?

We zijn ook naar de hal geweest waar ze zoogdieren tentoonstellen die zijn opgezet in hun natuurlijke habitat, best wel indrukwekkend en leerrijk! De hal is nogal groot en ook al had ik de hele dag in dat museum kunnen rondlopen, Bertrand had een beetje genoeg van al die musea en wou nog wat genieten van het mooie weer voor hij terug naar België vertrok. We zijn dan nog naar de dinosaurussen gaan kijken en zijn dan een frisse neus gaan scheppen in Central Park voor we terug naar het appartement gingen om Bertrand zijn rugzak te halen en een uurtje later heb ik hem veilig en met tranen in de ogen op het vliegtuig gezet. Gelukkig had ik Taylor Swift en Omi om mij gezelschap te houden op de Greyhound terug naar Boston.

Zo, dat was het dan, enorm veel maar ik beloof plechtig om wat meer te schrijven in 2016!
Hou dus zeker mijn blog in de gaten om te weten wat ik nu allemaal uitspook in Boston!